top of page

Biografie

Koen Vanderroost (°1983) groeide op in een landbouwersfamilie en volgde landbouwschool in Oudenaarde. Ook Eveline Dedoncker (°1985) komt uit een landbouwersgezin en studeerde af als industrieel ingenieur landbouw. De passie voor de sector zit bij beiden diep verankerd.

In 2011 startten ze met hun eigen landbouwbedrijf. Twee jaar later, in 2013, bouwen ze op de huidige locatie in Pajottegem hun eerste loods, na een eerste overname. In 2019 breidden ze hun activiteiten verder uit met de gedeeltelijke overname van het familiale loonwerkbedrijf, dat al 3 generaties lang werd uitgebouwd. Daarnaast richtten Koens ouders Fyto Vanderroost op, wat vandaag in 2de generatie, nog steeds een belangrijke pijler vormt binnen het bedrijf.

Samen hebben Koen en Eveline drie kinderen: Tom (17), Laure (15) en Julie (11). Het gezin leeft sterk mee met het ritme van het landbouwbedrijf.

We leven met de seizoenen – en iedereen draait mee

Op een stralende lentedag kondigt de zon een nieuw groeiseizoen aan in Pajottegem. Op het erf van Agri Vanderroost heerst bedrijvige rust. Machines staan klaar, percelen worden ingepland en in de verte kleurt het jonge graan frisgroen. Koen Vanderroost en Eveline Dedoncker ontvangen ons tussen hun werkzaamheden door. Hun verhaal is er één van familie, ondernemerschap en een diepe verbondenheid met de landbouw – en met de bietenteelt in het bijzonder.

​

Kunnen jullie jezelf kort voorstellen?

Eveline: “We komen allebei uit een landbouwersfamilie, dus de sector zat er van jongs af aan in. Ik heb gekozen voor een opleiding als industrieel ingenieur landbouw.”

​

Koen: “Ik volgde landbouwschool in Oudenaarde. In 2011 zijn we gestart met ons eigen landbouwnummer. Deze locatie hebben we in 2013 uitgebouwd, na de overname van de akkerbouw van Evelines ouders en de overname van de loonsproei-activiteiten. In 2019 namen we ook een deel van het familie-loonwerk over en richtten we Agri Vanderroost op. Sinds 2023 baten we samen met mijn ouders de handel in fyto en zaaigranen uit onder de naam Fyto Vanderroost.”

​

Hoe ziet jullie bedrijf er vandaag uit?

Koen: “We combineren drie pijlers: loonwerk, akkerbouw en fytohandel.”

​

Eveline: “We telen granen en suikerbieten. Samen zetten we 17 à 18 hectare bieten. Daarnaast is onze hooi- en stroverkoop, een uit de hand gelopen hobby, een belangrijk onderdeel van onze akkerbouwtak.”

​

Koen: “In het loonwerk beschikken we over tien maaidorsers en heel wat gespecialiseerde machines voor zaaien, rooien, sproeien en bemesten. We werken met twee vaste medewerkers, aangevuld met hulp van mijn ouders en seizoenarbeiders.”

​

Hoe past de bietenteelt in jullie rotatie?

Koen: “We werken met een rotatie van drie jaar granen en één jaar bieten. Het quotum is historisch opgebouwd binnen de familie.”

​

Eveline: “De biet blijft een belangrijke teelt in onze regio. Nieuwe of alternatieve teelten zijn tot op vandaag nog steeds niet rendabel en stabiel genoeg.”

​

Hoe verliep de bietencampagne dit jaar?

Koen: “Technisch gezien was het een mooi jaar, met goede opbrengsten en kwaliteit. Toch is het verhaal daarmee niet compleet. De suikerprijs lag laag. En dat is frustrerend. De voorbije jaren merken we vaak hetzelfde patroon: ofwel heb je een goede prijs maar lagere opbrengsten door moeilijke weersomstandigheden, ofwel, zoals dit jaar, heb je mooie opbrengsten, maar staat de suikerprijs onder druk. Het is zelden dat beide meezitten.”

​

Eveline: “Dat maakt het financieel moeilijk voorspelbaar. Je kan als landbouwer je uiterste best doen op het veld, investeren in goede rassen, correcte bemesting en opvolging… maar op de wereldmarktprijs heb je geen vat.”

Als landbouwer kun je je uiterste best doen op het veld, maar op de wereldmarktprijs heb je geen vat.

Eveline

De areaalvermindering van 25% zorgde voor onrust. Hoe kijken jullie daarnaar?

Koen: “Dat kwam hard aan. Als loonwerker is het misschien wel nog uitdagender dan als landbouwer. De campagne wordt korter, en zal draaien op drie toeren, maar de piek blijft voor ons even hoog. Je hebt evenveel machines en personeel nodig. Die moeten zo lang mogelijk draaien om rendabel te blijven. Onze investeringen zijn gebaseerd op 100% activiteit, niet op 75%. Machines en personeel kan je niet zomaar aanpassen.”

​

Eveline: “Je moet soms in een heel korte periode beslissingen nemen die een grote impact hebben. Dat zorgt voor onzekerheid.”

​

Jullie baten ook een fytohandel uit. Hoe zien jullie de evolutie?

Eveline: “Voor ons is het vertrekpunt van de fytohandel altijd landbouwkundig en niet louter een commercieel verhaal. Elke winter doen we klantenbezoeken. We overlopen de teeltplanning, bekijken de percelen en denken mee na over rassenkeuze, bemesting en gewasbescherming. Het gaat veel verder dan ‘producten verkopen’ en samen met het loonwerk kunnen we teelten écht van A tot Z opvolgen. Dat maakt het extra mooi.”

​

Koen: “Mijn vader, Paul Vanderroost, is daar ooit mee begonnen als echte teeltman. Vanuit zijn passie ontstond zo Fyto Vanderroost. Ik ben eerder de machine-man. Eveline neemt, net zoals mijn vader, de teeltopvolging op haar. Teeltkennis blijft cruciaal. Als je advies geeft, moet dat onderbouwd zijn. Je moet het veld gezien hebben.”

​

Eveline: “De administratieve druk is de voorbije jaren sterk toegenomen. Samen met mijn schoonmoeder draait de administratie op ons bedrijf rond. Maar vandaag moet alles, nog meer dan ooit, geregistreerd worden: kunstmestregistratie, digitale teeltregistratie, perceelsinventarisatie op kaart … Vaak zaken die verplicht worden en veel tijd kosten.”

​

Koen: “België wil vaak de beste van de klas zijn qua regelgeving. Maar tegelijk moeten wij concurreren met producten uit landen waar andere normen gelden. Dat is op termijn niet meer haalbaar. De afbouw van actieve stoffen baart ons grote zorgen.”

​

Eveline: “Onze grootste bezorgdheid is: gaan we nog hetzelfde kunnen produceren? Even kwalitatief? Gaan we onze percelen even proper kunnen houden? Mechanische onkruidbestrijding is een alternatief, maar niet altijd even selectief of efficiënt. Dat betekent soms meer schade of meer passages op het veld.”

De administratieve druk is de voorbije jaren sterk toegenomen.

Eveline

Wat is jullie favoriete moment in de bietenteelt?

Koen: “Het rooien. Je volgt de teelt een heel jaar – als teler, adviseur en loonwerker – en dan zie je het resultaat van je keuzes.”

​

Eveline: “Vaak zorgen moeilijke omstandigheden net voor de mooiste momenten. De ontlading na een lastig seizoen vergeet je niet.”

​

Hoe combineren jullie drukke periodes met het gezin?

Eveline: “Het gezin draait volledig mee. Landbouw stopt niet om 17 uur, dus ons gezinsleven volgt het ritme van de seizoenen. De kinderen zijn opgegroeid tussen de machines. Ze hebben vroeger, op drukke momenten, evenveel dutjes gedaan in de tractor als thuis. Tijdens de campagne verschuift alles: soms eten we ’s middags samen en ’s nachts opnieuw wanneer iedereen binnenkomt. Dat zijn intense momenten, maar ook warme, die zorgen voor verbondenheid. Laure en Julie, helpen graag met het maken van iets lekkers om te eten. Je voelt dat ze echt mee leven met het bedrijf.”

“Sociaal leven plannen we bewust in de wintermaanden. Van januari tot maart spreken we vaker af met vrienden. In het seizoen weten ze: als het slecht weer is, komen we. Anders niet. Dat is hier normaal. We proberen daarnaast ook tijd te maken om samen uit eten te gaan, soms zelfs met de kinderen erbij. Het moet in balans blijven.”

​

Koen: “Ik heb altijd gezegd tegen de kinderen: leer maar, probeer maar. Tom rijdt ondertussen met de maaidorser en is echt gemotiveerd. Dat groeit vanzelf als ze het van dichtbij meemaken. Ze leren hier verantwoordelijkheid opnemen, samenwerken en doorzetten. Dat zijn dingen die je niet uit een boek leert.”

​

Er heerst een sterk communitygevoel rond jullie bedrijf. Hoe komt dit?

Koen: “Dat moet ook. Zuiver zakelijk kom je er niet. Je hebt elkaar nodig in moeilijke seizoenen.”

​

Eveline: “We zetten hier ook heel fel op in. Na drukke oogstdagen voorzien we nog altijd iets om te eten. Het is hier ook vaak de zoete inval. Ook voor de jongere generatie is dit leuk. De vrienden van onze kinderen komen hier ook graag en maken zo kennis met wat er zich achter de schermen afspeelt. Dat wordt geapprecieerd.”

Je maakt samen zware seizoenen mee, dus je hebt meer nodig dan alleen een werkrelatie.

Koen

Koen: “Chauffeurs voelen hier als vrienden. Als je het niet plezant houdt, vind je geen mensen. Mijn grootmoeder was ook zo: iedereen schoof dagelijks mee aan tafel. Die sfeer proberen we te behouden. Na de oogst een feestje, na de bieten een kerstfeestje. Je maakt samen zware seizoenen mee, dus je hebt meer nodig dan alleen een werkrelatie. Dat gemeenschapsgevoel helpt ons om het vol te houden.”

​

Welke boodschap willen jullie aan politici meegeven?

Eveline: “Besef wat we hier kunnen produceren: voedzaam voedsel met hoge normen, op de meest vruchtbare grond.”

​

Koen: “Maar zorg voor eerlijke concurrentievoorwaarden. Als Europa blijft overreguleren zonder gelijke spelregels, wordt het moeilijk. In’t kort: red de bieten. Of breder: red de landbouw.”

​

Wat maakt het beroep voor jullie zo bijzonder?

Koen: “De volledige ketting kunnen volgen van zaaien tot rooien geeft enorme voldoening.”

​

Eveline: “We leven voor onze teelten. Het is meer dan een job. Het is wie we zijn.”

bottom of page